Categorieën
Jezus van Nazareth

Wie is Jezus van Nazareth voor ons?

Welke rol speelt de persoon van Jezus van Nazareth in het evangelie van het koninkrijk? Waarom heeft Jezus zijn leerlingen nooit gevraagd om in hem als persoon te geloven, hem als God te erkennen. En waarom heeft hij zijn volgelingen nergens opgedragen om hem te aanbidden? Cruciale vragen als het gaat om de verkondiging van de blijde boodschap in de 21e eeuw.

Toen Jezus zijn leerlingen riep, zei hij tegen hen: Volg mij! In het boek Handelingen worden de leerlingen van Jezus dan ook ‘mensen / volgers van de weg’ genoemd en geen ‘mensen / volgers van Jezus’. Dat is toch op zijn minst opmerkelijk te noemen. Toen Jezus zijn leerlingen riep om hem te volgen, bedoelde hij blijkbaar dat ze hem moesten volgen op de weg die hijzelf zou gaan. Dat is wat anders dan dat je Jezus als persoon zou moeten volgen, laat staan hem moeten aanbidden. Paulus heeft later tegen zijn leerlingen meerdere keren hetzelfde gezegd: Volg mij na! (zie o.a. 1 Korintiërs 4:16 en Filippenzen 3:17) Als Paulus Jezus als persoon had gevolgd, dan had hij tegen zijn leerlingen gezegd: Volg Jezus, net als ik dat doet! Maar nee, Paulus zei: Volg mij! Paulus volgde de weg die Jezus ook was gegaan. En Paulus roept zijn leerlingen op, om achter hem aan, dezelfde weg te volgen. Ook bij Paulus ging het dus om de weg die hij volgde en niet om zijn persoon of om de persoon van Jezus.

De vraag die voor de hand ligt is: welke weg zijn Jezus en later ook Paulus dan gegaan? Welke weg moesten hun leerlingen ook volgen? Dat was de weg van kruisiging en opstanding. Het vlees / ego voor dood houden en Christus (Gods Geest) als ons ware Zelf in ons laten opstaan. Ofwel, kom uit je hoofd, waar het ego zich bevindt, en daal af naar je hart, waar je het koninkrijk van God in de Geest bewust kunt worden. Weet wie je in werkelijkheid bent, niet degene die je met je hoofd denkt te zijn, het ego met al zijn nare trekjes, nee je bent een goddelijke creatie, een nieuwe schepping!

Paulus is deze weg ook gegaan. Daarom wilde Paulus niets anders weten dan de boodschap van Jezus en die gekruisigd! Het ging Paulus om de gekruisigde Jezus van Nazareth! Dood aan het ‘lichaam der zonde’, aan het ego, als bron van alle ellende op deze wereld! Het evangelie van het koninkrijk is niet gericht op Jezus van Nazareth als persoon, maar op de boodschap die Jezus onder andere door zijn kruisiging heeft verkondigd. De primaire boodschap van Jezus was: “Bekeert u, want het koninkrijk van God is binnenin u.” en niet: “Geloof in mij als de enige echte Zoon van God en uw zonden zullen vergeven worden”. Nergens in de evangeliën verwijst Jezus naar vergeving van zonden op basis van de kruisiging die hem te wachten stond! Het gaat in het evangelie om de boodschap van het koninkrijk, waar we alleen binnen kunnen gaan, als we ons vlees, de oude mens, voor gekruisigd houden. Dat heeft Jezus zijn leerlingen en ook ons duidelijk willen maken.

We gaan nog een stapje verder. Paulus schreef dat vlees en bloed het koninkrijk van God niet kunnen beërven (1 Korintiërs 15:50). Dat gold voor de mens Jezus van Nazareth ook. Het lijkt geen toeval dat Mozes, als middelaar tussen God en het Hebreeën-volk, zelf niet het beloofde land mocht binnengaan. Het beloofde land was een voorafschaduwing van het koninkrijk van God en Mozes was een type van Jezus. Jezus van Nazareth, als middelaar tussen God en het volk Israël, kan als mens van vlees en bloed het koninkrijk van God niet binnengaan. Jezus moest eerst een verheerlijkt lichaam krijgen en vervolgens uit zicht raken (Hemelvaart), voordat de kracht van de Geest ten volle werkzaam kon worden onder de leerlingen van Jezus. De focus moest verlegd worden van de externe Christus, die zich geopenbaard had in de persoon van Jezus, naar de Christus in hen. Ze moesten ontdekken dat zij zelf ook de belichaming waren van Christus, het koninkrijk van God. Ons fysieke lichaam wordt niet voor niets door Paulus een tempel van de Geest genoemd (1 Korintiërs 6:19).

De volgende stap is cruciaal! Zolang we Jezus als de middelaar tussen God en de mens blijven zien, is de bedekking van het oude verbond nog aanwezig. Volgens de christelijke kerk (en dan met name binnen de westerse wereld) is Jezus allereerst voor de vergeving van onze zonden aan het kruis genageld. Vergeving van zonden is voor de meeste christenen de kern waar hun geloofsleven om draait. Het staat garant voor hun redding en verschaft hen na dit leven toegang tot de hemel. We moeten echter goed beseffen dat vergeving van zonden alleen nodig was onder het oude verbond, omdat alleen binnen dat verbond de wet van Mozes functioneerde.

“… want reeds voor de wet was er zonde in de wereld. Maar zonde wordt niet toegerekend, als er geen wet is.” schreef Paulus (Romeinen 5:13).

Niemand, maar dan ook niemand die vandaag de dag leeft, leeft onder het oude verbond en dus ook niet onder de wet van Mozes! Het oude verbond is in 70AD volledig tot een einde gekomen. De tempel in Jeruzalem, met de offerdienst als het kloppende hart van het oude verbond, is destijds door de Romeinen volledig verwoest. De periode vóór die verwoesting werd dan ook niet voor niets als ‘de eindtijd’ gezien. Omdat wij nooit onder de wet van Mozes zijn geweest en deze dus ook niet kunnen overtreden, heeft de kruisdood van Jezus niets van doen met de vergeving van onze overtredingen van de tien geboden, de wet van Mozes. Zolang we dat wel denken, is de bedekking van het oude verbond nog werkzaam in ons leven en hebben we te maken met de heerlijkheid van het oude verbond. Het oude verbond had namelijk ook een bepaalde mate van heerlijkheid (zie 2 Korintiërs 3:7-11).

Willen we echter veranderen van de heerlijkheid van het oude verbond tot de heerlijkheid van het nieuwe verbond, dan zal de bedekking weggenomen moeten worden (2 Korintiërs 3:15-18). Zoals hierboven aangegeven zullen we dan allereerst onze kijk op de kruisiging van Jezus moeten veranderen. Jezus wordt door Johannes de Doper het lam van God genoemd, dat de zonde (enkelvoud!) van de wereld wegneemt. Het gaat hier niet om de zonden (meervoud) zelf, maar om de macht van de zonde in ons leven, waardoor we zondigen. Jezus is als een lam naar de slachtbank geleid. Let nu goed op! Nergens onder het oude verbond werden er lammetjes als zondoffer geofferd. Als offer voor de vergeving van zonden werden uitsluitend stieren en bokken geofferd en het bloed van stieren en bokken reinigden de joden onder het oude verbond afdoende van hun zonden (zie Hebreeën 9:12,13,19; 10:4). Jezus als het lam van God kan dus niet het laatste zondoffer van het oude verbond voor de vergeving van zonden zijn geweest. De vergelijking tussen enerzijds het offer dat Jezus als lam van God bracht en anderzijds de zondoffers onder het oude verbond gaat eenvoudigweg niet op!

Voor de vergelijking van Jezus met het lam van God moeten we terug naar de lammetjes die vlak voor de uittocht uit Egypte werden geslacht. Vergeving van zonden speelde in deze situatie geen enkele rol. Het ging om de bevrijding uit Egypte en Egypte is een beeld van het vlees, de oude mens. Jezus heeft ons de weg gewezen waardoor wij bevrijd kunnen worden van de macht van de zonde (enkelvoud). Het lam dat de zonde van de wereld zou wegnemen en dus niet zou bedekken door vergeving, zoals dit onder het oude verbond gebeurde. Wegnemen betekent dat je er compleet van wordt bevrijd. Vergeving van zonden komt echter neer op symptoombestrijding en dat is nu precies kenmerkend voor het oude verbond! Daarom moesten er iedere keer weer opnieuw stieren en bokken worden geofferd.

Zolang wij Jezus als de middelaar tussen God en de mens zien, omdat hij door zijn kruisdood de weg tussen God en de mens vrij gemaakt zou hebben, bevinden we ons nog onder de bedekking van het oude verbond. Bij de instelling van het avondmaal wordt de beker der dankzegging, die verwijst naar het bloed van Jezus, niet voor niets de beker van het nieuwe verbond genoemd. Jezus heeft zichzelf vrijwillig opgeofferd voor de mensheid als het eenmalige offer onder het nieuwe verbond en dus niet als het laatste zondoffer onder het oude verbond. Jezus offerde zichzelf niet aan God de Vader, waardoor er vergeving van zonden mogelijk werd. Nee, Jezus offerde zichzelf uit Liefde op voor de mensheid om ons de weg tot verlossing te tonen en daar mogen we hem bijzonder dankbaar voor zijn! Hij toonde door zijn kruisiging heel letterlijk de weg die wij moeten gaan om totaal bevrijd te worden van de wet van zonde en dood. Het vlees / ego moeten wij voor gekruisigd houden! Er niet meer mee rekenen.

De christelijke kerk heeft nu bijna 2000 jaar de oude wijn geschonken, waarbij de wijn een beeld is van het bloed van Jezus. Het is de wijn van vergeving van zonden die tot verlossing / redding zou moeten leiden. Iedereen kan in de wereld zien, dat deze finale verlossing nog niet heeft plaatsgevonden, omdat de macht van de zonde bij velen nog vrij spel heeft. De jonge wijn daarentegen die geschonken mag gaan worden is de wijn van totale verlossing van de macht van de zonde (enkelvoud) en logischerwijs daarmee ook van de gevolgen ervan, onze zonden (meervoud). Werkelijke verlossing gaat veel verder dan vergeving van zonden. Daarom is de heerlijkheid van het nieuwe verbond niet te vergelijken met de beperkte heerlijkheid van het oude verbond.

De jonge wijn hoort in nieuwe zakken te worden geschonken. De vraag is of we bereid zijn om de jonge wijn te gaan drinken of dat we het liever bij de oude wijn houden, omdat die al zo’n goede smaak heeft.

En niemand die oude wijn drinkt, wil meteen de jonge wijn, want hij zegt: De oude is prima.” (Lukas 5:39)

Nog een laatste opmerking. Paulus verkondigde ‘Christus in ons’ als de hoop op heerlijkheid (Kolossenzen 1:27). Dezelfde Paulus schrijft ergens anders: “Zo dan kennen wij niemand meer naar het vlees, zelfs al had ik Christus naar het vlees gekend, dan kennen wij hem zo nu niet meer.” (2 Korintiërs 5:16) Paulus heeft Jezus van Nazareth niet persoonlijk gekend. Hij schrijft dan ook terecht “zelfs al had ik Christus naar het vlees gekend.” Maar al zou Paulus Jezus als mens wel hebben gekend, ook dan geldt … “zo kennen wij hem dan nu niet meer.”!

Natuurlijk mogen we dankbaar zijn voor wat Jezus van Nazareth voor ons en de hele mensheid heeft gedaan! We mogen hem daar zelfs voor eren. Hij heeft door zijn kruisiging en opstanding voor ons de weg bereid als de eerstgeborene onder vele broederen. Toch ging het volgens Paulus in het evangelie niet om de mens Jezus van Nazareth. Het ging Paulus om de Christus, die door Jezus van Nazareth werd belichaamd. Christus in ons is de hoop op heerlijkheid en niet Jezus van Nazareth in ons. Christus is de Geest van God die in de tempel van ons lichaam woont. Jezus van Nazareth was zich dat ten volle bewust geworden en dat zette de zalving van Gods Geest vrij in zijn leven en dat mag ook voor ons gaan gelden! Daarvoor zullen we wel de jonge wijn moeten gaan drinken!

Klik hier voor de blog die over het belang van de nieuwe zakken gaat, waar de jonge wijn in geschonken moet worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *