Categorieën
Koninkrijk

Wanneer zijn de ‘heilsfeiten’ feiten geworden?

De christelijke kerk kent zes heilsfeiten. Dat zijn: 1) de geboorte van Jezus, 2) de dood en 3) opstanding van Jezus, 4) de Hemelvaart, 5) Pinksteren en 6) de Wederkomst. Een belangrijke vraag is wanneer deze heilsfeiten een feit zijn geworden. Is dat gebeurt op de momenten in de geschiedenis waarop deze gebeurtenissen hebben plaats gevonden? Of zijn de gebeurtenissen zelf een heen-wijzing naar een werkelijkheid die altijd al heeft bestaan?

Om deze vraag te kunnen beantwoorden, is het van belang dat we deze zes gebeurtenissen bekijken in het licht van de boodschap die Jezus verkondigde. Die boodschap was kort en bondig: “Bekeert u, want het Koninkrijk van God is nabij gekomen.”

Het koninkrijk der hemelen is gelijk aan een zuurdesem, … Dit alles zeide Jezus in gelijkenissen tot de scharen en zonder gelijkenis zeide Hij niets tot hen, … Ik zal mijn mond opendoen met gelijkenissen, Ik zal verkondigen wat sinds de grondlegging der wereld verborgen gebleven is.” (Matteüs 13:33-35)

Het koninkrijk der hemelen is gelijk aan een zeker koning die voor zijn zoon een bruiloft bereid had, en hij stuurde zijn slaven eropuit om de genodigden voor de bruiloft te roepen“. (Matteüs 22:2,3)

Komt, gij gezegenden mijns Vaders, beërft het koninkrijk, dat u bereid is van de grondlegging der wereld af“. (Matteüs 25:34)

Op basis van deze gedeelten, waarin Jezus in gelijkenissen over het koninkrijk van God spreekt, mogen we er vanuit gaan dat het koninkrijk van God er vanaf de grondlegging der wereld al is geweest, maar dat het lange tijd verborgen is gebleven.

het geheimenis, dat eeuwen en geslachten lang verborgen is geweest, maar thans geopenbaard aan zijn heiligen. … Christus in u, de hoop der heerlijkheid.” (Kolossenzen 1:26,27)

Paulus refereert hier aan hetgeen eeuwen en geslachten lang verborgen was gebleven. Christus in ons, Christus in de mens. De eenvoudige conclusie is dat het koninkrijk van God hetzelfde is als Christus in de mens. En dat komt weer overeen met wat Jezus zei, namelijk: “zie, het koninkrijk van God is binnen in u.” (Matteüs 17:21)

Het koninkrijk van God, Christus in de mens, is vanaf de grondlegging der wereld bereid. Dit betekent dat de zogenoemde heilsfeiten dus een verwijzing zijn naar iets wat vanaf de grondlegging der wereld al een feit is. Laten we de zes ‘heilsfeiten’ eens langslopen.

De geboorte van Jezus van Nazareth. De vleeswording van God. Christus in een fysiek lichaam van vlees en bloed. Christus in ons. Gezien het voorgaande kunnen we stellen dat dit altijd een feit is geweest. Het was echter verborgen. “Christus is alles en in allen.” (Kolossenzen 3:11b) Christus is geïncarneerd in de gehele fysieke schepping.

De kruisdood van Jezus. “het boek des levens van het Lam, dat geslacht is vanaf de grondlegging der wereld.” (Openbaring 13:8b)

De opstanding van Jezus. Het gaat hier om het opstaan van Christus in de mensheid. Hoe verborgen dit voor de mensheid ook (geweest) moge zijn, Christus leeft in iedereen en dat is volgens Paulus nooit anders geweest.

“… het mysterie dat in alle eeuwen en voor alle generaties verborgen is geweest, maar nu aan zijn heiligen onthuld is. Aan hen heeft God bekend willen maken hoe glorierijk dit mysterie is voor alle volken: Christus is in u, hij is uw hoop op goddelijke luister.” (Kolossenzen 1:26,27)

De Hemelvaart van Jezus. Ook wel het kroningsfeest genoemd. Christus is de Koning (Kurios) van het koninkrijk en dat is Hij uiteraard al vanaf het moment dat het koninkrijk bereid is. Net als bij de opstanding is het van belang dat we hier onderscheid maken tussen Jezus van Nazareth en de Christus. Paulus schrijft in één van zijn brieven: “De Here (Kurios) nu is de Geest; en waar de Geest des Heren is, is vrijheid.” (2 Korintiërs 3:17) Als Paulus dus over Here (Kurios) spreekt dan gaat het om de Geest van de Heer en dat is Christus in ons.

Pinksteren. Het zendingsfeest. De joodse leerlingen van Jezus gaan in de kracht van de Geest (Christus) er op uit om mensen het mysterie dat eeuwenlang verborgen was gebleven, bekend te maken. De kracht van de Geest is vanaf de grondlegging van de wereld al werkzaam in de gehele kosmos.

De zogenoemde Wederkomst. In het jaar 70AD is de ‘Zoon des mensen’ verschenen op de wolken. Een grote groep joodse gelovigen, die de Weg van Jezus waren gegaan, werden ‘opgenomen’ in heerlijkheid.

Zie, ik deel u een geheimenis mede. Allen zullen wij niet ontslapen, maar allen zullen wij veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblik, bij de laatste bazuin, want de bazuin zal klinken en de doden zullen onvergankelijk opgewekt worden en wij zullen veranderd worden. Want dit vergankelijke moet onvergankelijkheid aandoen en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid aandoen.” (1 Korintiërs 15:51-53)

Ondanks de fysieke verschijning van de mens is de mens vanaf de grondlegging der wereld altijd al een geestelijke, onsterfelijke schepping geweest. De tijdelijke fysieke waarneming is niets meer en niets minder dan de tastbare vorm van Christus. Zodra we dat gaan geloven, ontvangen we eeuwig leven. We zullen dan onsterfelijkheid aandoen. Het wachten is op het moment waarop datgene wat vanaf de grondlegging der wereld verborgen is gebleven voor de gehele mensheid openbaar zal worden.

De laatste vijand die wordt uitgeschakeld is de dood. Want er staat geschreven dat God alles heeft onderworpen. Ja, alles, maar dat geldt natuurlijk niet voor God zelf, die alles aan hem onderworpen heeft. En wanneer alles aan hem is onderworpen, zal ook de Zoon zichzelf onderwerpen aan God, die alles aan hem heeft onderworpen. Dan zal God alles in allen zijn.” (1 Korintiërs 15:26-28)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *