Categorieën
Koninkrijk Reformatie

Ons fysieke lichaam als poort naar het eeuwige leven

De idee dat Jezus van Nazareth als een zondoffer voor de vergeving van onze zonden zou zijn gekruisigd is voor de meeste Bijbelgetrouwe christenen de kern van hun geloof en hun hoop op eeuwig leven. Jezus zou aan het kruis de vergeving van zonden hebben bewerkstelligd, waardoor we eeuwig leven kunnen ontvangen. Dit staat haaks op wat we in Hebreeën 10 lezen.

Daarom zegt Hij bij zijn komst in de wereld: Slachtoffer en offergave hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt Mij een lichaam bereid; in brandoffers en zondoffers hebt Gij geen welbehagen gehad. Toen zeide Ik: zie, hier ben Ik (in de boekrol staat van Mij geschreven) om uw wil, o God, te doen. In de aanhef zegt Hij: Slachtoffers en offergaven, brandoffers en zondoffers, hebt Gij niet gewild, noch daarin een welbehagen gehad, hoewel zij naar de wet gebracht worden. Doch daarna heeft Hij gezegd: Zie, hier ben Ik om uw wil te doen.
(Hebreeën 10:5-9)

Het evangelie van vergeving van zonden berust op het oude verbond. Het gaat om een (zond)offer dat naar de wet gebracht zou zijn. Een zondoffer kan wel de zonden bedekken (symptoombestrijding), maar is niet in staat om ons te bevrijden van de oorzaak, de vloek van zonde en dood waaronder we gevangen zitten. Daarom heeft God geen behagen in offers. Niet van dieren, laat staan van een mensoffer.

In lijn met de theologie van de vergeving van zonden lezen we in onze vertaling van Hebreeën 10: “5b maar Gij hebt Mij een lichaam bereid.” en “7 zie, hier ben Ik om uw wil te doen.“. Met deze vertaling lijkt men te suggereren dat het lichaam van Jezus in plaats van de bokken en stieren als het ultieme zondoffer zou moeten dienen en dat dit Gods wil zou zijn geweest. Terwijl we duidelijk in Hebreeën 10 lezen dat God geen behagen heeft in zondoffers.

De juiste vertaling van de bovengenoemde gedeelten luidt: “5b maar mijn lichaam zal vervolmaakt worden” en “7 zie, ik ben gekomen om het voornemen van God waar te maken.“. Het tegenovergestelde is dus waar. Het fysieke lichaam van Jezus zal niet als een zondoffer worden geofferd, maar zal, dwars door de verdrukking heen, vervolmaakt worden, tot verheerlijking komen. God wil de mensheid en de hele schepping verlossen van de vloek van zonde en dood, waaronder we gebukt gaan. Dat is de weg van verlossing die tot het eeuwige leven leidt. Jezus is ons op deze weg voorgegaan, zodat wij achter hem aan ook deze weg zouden bewandelen.

Doordat de christelijke kerk is gaan geloven dat de vergeving van zonden gepaard gaat met onze redding (wedergeboorte) en de belofte van het eeuwige leven, zijn we het zicht op de ware redding – de verheerlijking van ons fysieke lichaam, zodat we eeuwig zouden leven – volledig kwijt geraakt.

Paulus leefde duidelijk met de verwachting dat door de Geest het sterfelijke van zijn lichaam verslonden zou worden door het leven, waardoor hij net als Jezus van Nazareth een verheerlijkt lichaam zou ontvangen.

En indien de Geest van Hem, die Jezus uit de doden heeft opgewekt, in u woont, dan zal Hij, die Christus Jezus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door zijn Geest, die in u woont.” (Romeinen 8:11)

Want dit vergankelijke moet onvergankelijkheid aandoen en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid aandoen. En zodra dit vergankelijke onvergankelijkheid aangedaan heeft, en dit sterfelijke onsterfelijkheid aangedaan heeft, zal het woord werkelijkheid worden, dat geschreven is: De dood is verzwolgen in de overwinning.
(1 Korintiërs 15:53,54)

Wij allen nu, die zonder bedekking de heerlijkheid van de Here als in een spiegel aanschouwen, worden van gedaante (ons lichaam) veranderd naar hetzelfde beeld, van heerlijkheid tot heerlijkheid, door de Here die Geest is.” (2 Korintiërs 3:18)

Want wij, die nog in een tent wonen, zuchten bezwaard, omdat wij niet ontkleed, doch overkleed willen worden, opdat het sterfelijke door het leven worde verslonden. God is het, die ons juist daartoe bereid heeft en die ons de Geest tot onderpand gegeven heeft.” (2 Korintiërs 5:4,5)

die ons vernederd lichaam veranderen zal, zodat het aan zijn verheerlijkt lichaam gelijkvormig wordt, naar de kracht, waarmede Hij ook alle dingen Zich kan onderwerpen.” (Filippenzen 3:21)

Paulus geloofde in – en keek uit naar – het moment dat hij vanuit zijn fysieke staat met het sterfelijke lichaam van vlees en bloed verlost zou worden van de vloek van zonde en dood en overkleed zou worden met een verheerlijkt lichaam. Dit is onze ware verlossing, waardoor we de tweede dood (de dood van ons fysieke lichaam) niet meer zullen zien en dus eeuwig zullen leven.

Wie een oor heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt. Wie overwint, zal van de tweede dood geen schade lijden.” (Openbaring 2:11)

De blijde boodschap van verlossing is geen boodschap voor na het leven hier op aarde! Het evangelie van het koninkrijk is gericht op het hier en nu, op de vervolmaking van ons lichaam. Ons lichaam van vlees en bloed is de poort naar het eeuwige leven. Dat was de boodschap van Jezus en Paulus. Deze weg naar het eeuwige leven loopt langs de weg van groei in ons bewustzijn.

De lamp van het lichaam is het oog. Indien dan uw oog zuiver is, zal geheel uw lichaam verlicht zijn; maar indien uw oog slecht is, zal geheel uw lichaam duister zijn. Indien nu wat licht in u is, duisternis is, hoe groot is dan de duisternis!” (Matteüs 6:22,23)

Het oog is een metafoor voor ons bewustzijn. Zolang ons (geestelijk) bewustzijn verduisterd is, zal ons hele lichaam verduisterd zijn. Ons bewustzijn zal gereinigd moeten worden van dode werken, zodat we de levende God kunnen dienen. Zodra ons bewustzijn verlicht is door het Licht van Christus (wedergeboorte), hebben we de Geest als onderpand ontvangen voor onze verlossing, de verheerlijking van ons fysieke lichaam.

Door te geloven dat we door de vergeving van onze zonden wedergeboren zouden zijn, sluiten we voor onszelf de weg af naar de ware wedergeboorte en de verlossing van de vloek van zonde en dood. En daarmee ook naar het eeuwige leven. Zolang de christelijke kerk de boodschap van vergeving van zonden verkondigd, zal de duisternis op aarde niet verdwijnen. De dode werken van de wet, die gericht zijn op het vleselijke van de mens, verduisteren ons bewustzijn. De duisternis zal alleen verdwijnen als het Licht van Christus, via ons bewustzijn en onze fysieke lichamen, zal gaan schijnen in deze wereld.

Verheerlijkt dan God met uw lichaam.” (1 Korintiërs 6:20)

Het evangelie van het koninkrijk, gezuiverd van het zuurdesem van de wet, zal weer verkondigd moeten gaan worden door de christelijke kerken. De jonge wijn van het koninkrijk zal in nieuwe zakken geschonken moeten worden. Zodra dit gaat gebeuren zal de generatie opstaan, die de ‘opname in heerlijkheid’ van de hele mensheid mee zal gaan maken. Zodra deze ‘opname in heerlijkheid’ (die geen vlucht van deze aarde naar boven is!) heeft plaatsgevonden, zal het koninkrijk van God op aarde zichtbaar worden. De aarde zal vol zijn van Gods glorie.

Ik hoorde een luide stem van de troon zeggen: Zie, de tent van God is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal bij hen zijn, en Hij zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geklaag, noch moeite zal er meer zijn, want de eerste dingen zijn voorbijgegaan. En Hij, die op de troon gezeten is, zeide: Zie, Ik maak alle dingen nieuw.” (Openbaring 21:3-5)

Meer lezen over dit onderwerp?
Zie de blog Het Licht van Christus schijnt in ons.

Wil je doorpraten over deze blijde boodschap van Gods koninkrijk op aarde? Neem dan contact met ons op!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *